Station Horst-Sevenum

Station Horst-Sevenum is onderdeel van De Collectie, tevens behoort het tot een reeks standaardstations. Op basis van de afspraken tussen NS en ProRail is op dit station een specifieke en een algemeene cultuurhistorische waardestelling van toepassing. Lees onderstaand de algemene omschrijving van het station uit de publicatie De Collectie van 2008.

Ooit waren er tientallen stations van de vijfde klasse verspreid door het land te vinden. Tegenwoordig zijn stations vijfde klasse een zeldzaamheid. Dit type was bedoeld voor kleine haltes langs de staatslijnen, die vanaf 1863 werden aangelegd. Het ging om een compact gebouwtje van twee verdiepingen met een verhoogd middendeel. Het interieur was eenvoudig. In het middendeel waren een hal en een wachtkamer. De zijruimte was aan een kant in gebruik als kantoor en aan de andere kant als berging en opgang naar de bovenwoning. Destijds kostte de bouw van een station van de vijfde klasse nog geen 9000 gulden. Stations van de vierde klasse waren anderhalf keer zo duur en stations van de derde klasse zelfs vijf keer zo duur. Dat bij het ontwerp wellicht iets te veel nadruk op kostenbesparing had gelegen, bleek al snel. De stations waren te krap bemeten. Volgens een nieuw standaardontwerp konden ze daarom worden uitgebreid met zijvleugels of een extra verdieping.

Station Horst-Sevenum is een goed bewaard gebleven station van de vijfde klasse. Het dateert uit 1864. Het had trouwens weinig gescheeld of station Horst-Sevenum was er nooit gekomen. De landelijke politiek bemoeide zich met de keuze voor het traject van Eindhoven naar Roermond, onderdeel van Staatslijn e van Breda naar Maastricht. Er waren twee opties, via Venlo of Weert. De keuze viel op een route door de Peel, dus via Venlo. Het traject liep door de veenontginningen van de gebroeders Van de Griendt, die de bouw van de halte Helenaveen-Griendtveen bedongen. Hierdoor kwam de spoorlijn precies tussen de dorpskernen van Horst en Sevenum door te lopen. Met één station konden beide dorpen worden bediend.

Tien jaar na de bouw werd station Horst-Sevenum uitgebreid met twee zijvleugels, zoals gebruikelijk bij dit type. De wachtkamer en het kantoor ruilden van plek, waarbij de nieuwgebouwde zijvleugel bij de wachtkamer werd getrokken. In de andere nieuwe vleugel kwam een wachtkamer voor passagiers van de eerste klasse. In 1915 volgde uitbreiding met een verdieping. Sindsdien heeft het station aan de buitenkant geen ingrijpende wijzigingen ondergaan. Horst-Sevenum vertelt nog steeds het verhaal van de kleine standaardstations van de Staatsspoorwegen, die soms op afgelegen plekken werden aangelegd. Zelfs de vrije ligging bleef hier redelijk goed behouden. Ook al is het stationsgebouw zelf niet langer in gebruik voor treinreizigers, nog steeds stoppen er intercities en stoptreinen.