Personificaties van Gouda en haar industrieënStation Gouda

Op de daklijst van station Gouda, dat Sybold van Ravensteyn kort na de Tweede Wereldoorlog ontwierp, stonden vier beelden van Jo Uiterwaal. Een vijfde beeld stond op de poort naar het goederenemplacement. Na de sloop van het station in 1984 bleven vijf beelden bewaard die een nieuwe plek op het huidige stationsgebouw kregen: een ontwerp van architect M.W. Markenhof.
Hij ontwierp een stationsgebouw dat als het ware om de beelden heen is gebouwd. Onder de tongewelven, die dwars op de gevel staan, hebben de beelden een plek gekregen. Het dakoverstek fungeert als een ronde nis boven de beelden.

De beelden werden na de oorlog op aanwijzingen van Van Ravesteyn vervaardigd. Ze zijn meer dan manshoog en uitgevoerd in chamotteklei: een goedkoper alternatief voor natuurstenen beelden. Uiterwaal modelleerde de beelden in zijn atelier in Utrecht. Daar sneed hij ze in stukken en holde de onderdelen uit. De verschillende delen werden vervolgens gebakken door de firma Goedewaagen’s Koninklijke Hollandse Aardewerkfabriek in Gouda. Na het bakken werden de onderdelen weer aan elkaar gehecht. De naden zijn nog duidelijk zichtbaar. Alle beelden zijn roomkleurig geglazuurd.

Het reliëf Gouda als handelsplaats bevindt zich in het grootste tongewelf aan de voorgevel van het station van Markenhof. Onder het reliëf bevindt zich de hoofdentree van het station. In hetzelfde gewelf is ook een glasapplicatie van Louis La Rooy aangebracht. Het naoorlogse reliëf stond oorspronkelijk boven een poort naast het station van Van Ravesteyn. Het thema is ‘handel’. Het paste goed bij de plek. De poort leidde tot het emplacement waar goederen werden gelost en geladen. Links is een paard met wagen weergegeven. Daarachter staat een man met een Goudse kaas in handen. Achter hem is een hoge stapel kazen voor een kaaspakhuis afgebeeld. In het midden staat een figuur met een weegschaal. Rechts bevindt zich een zeilschip en zien we een anker en een bundel touw. Het beeld symboliseert de Goudse (kaas-)handel.

In de vier tongewelven rechts van de entree, staan de andere beelden van Uiterwaal, tegen een rustige achtergrond van verticale stroken glas. Deze ambachtslieden representeren de belangrijkste industrietakken van Gouda: plateelmakers, lakenmakers, wafelbakkers en kaarsenmakers. Op het oude station van Van Ravesteyn stonden de vier beelden op pilasters ter hoogte van de dakrand. Omdat het station een plat dak had, bepaalden ze het silhouet van het gebouw. Door elk van de beelden te plaatsen in een tongewelf doen ze dat nog steeds.
Van links naar rechts zien we een vrouwfiguur met een Gouds plateel (een vaas) in haar hand, de personificatie van de Goudse Plateel- en pijpbakkerij. Aan haar voeten staat een kind met een stapel borden in de ene hand en een aantal Goudse pijpen in de andere hand. De Goudse pijp werd vanaf de zeventiende eeuw gemaakt. Vanuit de pijpfabrieken kwamen de plateelfabrieken voort.
De tweede figuur personifieert de Goudse touwslagerij en lakenindustrie. Het is een vrouw met een laken in haar hand en een bundel vlas aan haar voeten. Ze draagt drie grote bollen garen aan haar zij. Gouda kende sinds de zestiende eeuw een bloeiende lakenindustrie en –handel en in de Koninklijke Goudsche Machinale Garenspinnerij werd eeuwenlang garen gesponnen.
Het derde beeld stelt de Goudse wafelbakkerij voor. De centrale vrouwfiguur draagt een bundel graan. Aan haar voeten zit een klein mensfiguur dat met een wafelijzer Goudse stroopwafels bakt.  
Het thema van het vierde beeld is (waarschijnlijk) de kaarsenmakerij van Gouda. De vrouwfiguur heeft in haar hand een olielampje. Aan haar voeten staat een bundel kaarsen. Naast haar is het stadhuis van Gouda afgebeeld.

Jo Uiterwaal

Johannes Wilhelmus ‘Jo’ Uiterwaal (1897-1972) was een Utrechtse beeldhouwer. Hij was leerling van Albert Dresmé en volgde een avondopleiding aan de Kunstnijverheidsschool in Utrecht waar hij les kreeg van Willem van Leusden. Uiterwaal werkte veel samen met architect Sybold van Ravesteyn. Zo maakte hij de beelden voor Van Ravesteyns stations in Roosendaal (1949), Vlissingen (1950), ’s-Hertogenbosch (1951, gesloopt in 1995), Gouda (1952) en Nijmegen (1953). In samenwerking met Van Ravesteyn maakte Uiterwaal ook het beeld voor de Kunstmin in Dordrecht (1940) en beeldengroepen voor het herdenkingsmonument Het drama van Benschop (1945). 

Bronnen

www.vindingouda.nl
www.welkomingouda.nl
www.diegoude.nl
Correspondentie met museum Gouda.
Persbericht museum Gouda bij de restauratie van het beeld.
De Tijd. Godsdienstig-staatkundig dagblad, 22 april 1949.
W. van Leeuwen en H. Romers, Een spoor van verbeelding. 150 jaar monumentale kunst en decoratie aan Nederlandse stationsgebouwen, 1988, pp. 52, 60, 74, 100-101.