Station Zwolle

Station Zwolle is onderdeel van De Collectie, tevens behoort het tot een reeks standaardstations. Op basis van de afspraken tussen NS en ProRail is op dit station een specifieke en een algemene cultuurhistorische waardestelling van toepassing. Lees onderstaand de algemene omschrijving van het station uit de publicatie De Collectie van 2008.

Het station Zwolle is uniek, omdat het feitelijk het enige standaardstation eerste klasse van de Staatsspoorwegen is. Andere steden die in de jaren zestig van de negentiende eeuw in aanmerking kwamen voor een station eerste klasse hadden toen nog een militaire functie, waardoor gebouwen in het vrije schootsveld van hout moesten zijn. Hoewel Zwolle een imponerende vestinggracht en krans van bolwerken heeft, was de verdedigingsfunctie van de stad al in 1790 opgeheven. Er bestonden in 1866 dus geen beletselen om vlak buiten de singel een voornaam, duurzaam station te bouwen.

Het station van Zwolle heeft een breedte van 87 meter en is opgebouwd uit een hoog middendeel met een fronton, zijvleugels en losstaande eindgebouwen. Aan de perronzijde is een doorgaande reeks van liefst 30 dubbele deuren. De vormgeving laat een combinatie zien van de rondbogenstijl op de begane grond en een meer classicistische opzet met fronton en pilasters op de verdieping. Vergeleken met de stations van de derde klasse houdt het gevelbeeld daardoor het midden tussen de eerste generatie stations zoals in Winschoten en de aangepaste versie die in Meppel is te zien. Zwolle en Meppel werden in hetzelfde jaar gebouwd. Vanuit de stad gezien bood het station kort na de opening de aanblik van een enorm wit paleis in een lege vlakte, met daarachter de stationskap. Vanaf de singel liep de Stationsweg kaarsrecht op de ingang af. Later werd de weg ietwat verlegd. Nu komt de zichtlijn niet meer op de symmetrieas van het station uit. Sinds de bouw van het station werd Zwolle een belangrijk spoorwegknooppunt. Aan de Deventerstraatweg bouwde de Staatsspoorwegen een groot goederenemplacement met werkplaatsen voor het onderhoud aan locomotieven en rijtuigen.

Hoewel het station in zijn oude vorm herkenbaar bleef, is er veel veranderd. De perronoverkapping werd in 1991 gesloopt en in 1995 vervangen in staal. Het interieur is begin jaren negentig grondig aangepakt, zonder oog voor de monumentale kwaliteiten. Door de groei en modernisering van het station is het oude gebouw in de zijlijn van dit knooppunt terechtgekomen. De stroom reizigers gaat grotendeels opzij van het gebouw naar binnen, ter plaatse van het busstation, een bijgebouw en de spoortunnel. Net als Groningen en Maastricht is station Zwolle een prachtig monument dat naast de dynamiek van het spoor terechtkwam. De kans en uitdaging voor de toekomst is om op deze vervoersknopen de schakel met de geschiedenis en de oude routes in de stad te herstellen.