De stad, het station en het stationsplein

Met dit essay willen we aandacht vragen voor de betekenis van stationspleinen, voor het unieke karakter daarvan, en de diversiteit van de opgaven die er ligt voor de samenwerkende partijen in het omgevingsdomein. De directe omgeving van een station is vaak een combinatie van diverse functies en activiteiten. Als onderdeel van de publieke ruimte biedt het zowel plaats aan diverse (stedelijke) programma’s als aan een vertrouwenwekkende ordening van aankomstvelden en middelen die horen bij de voorbereiding van en informatie over de reis.

Voor elk station is de inbedding in de stationsomgeving uniek. De directe omgeving van het station heeft een lokale identiteit en maakt deel uit van het stelsel van openbare ruimten in een stad, een dorp of wijk. Hierin zijn doorstroming en verblijf goed georganiseerd. De relatie tussen het station en de omgeving krijgt gestalte in het omgevingsdomein. Hier wordt gezocht naar een optimaal evenwicht tussen de verkeersknoop, een aantrekkelijke omgeving, de economische dynamiek en de ontwikkelingskansen rond het station. In het omgevingsdomein staat de oriëntatie op het station en op de omgeving centraal. Ook vinden de voorzieningen voor voor- en natransport hier een plek: van fietsenstallingen en de aansluiting op bus of tram tot een taxistandplaats en voorzieningen voor kort parkeren en halen en brengen.

Het Omgevingsdomein is een van de vier domeinen die worden onderscheiden in het ‘Stationsconcept’, de recent ontwikkelde filosofie van de Stationsdomeinen. Doelstelling daarin is dat stations niet alleen functioneel, maar ook inspirerend zijn. Daartoe zijn in het station afzonderlijke Stationsdomeinen met een eigen functie en belevingswereld onderscheiden.

De functie van het Omgevingsdomein is om het station en zijn omgeving ruimtelijk en programmatisch aan elkaar te hechten, om plaats te bieden aan de overstap, informatie te bieden en de oriëntatie te ondersteunen.Doel van het ontwerp van het Omgevingsdomein is om een stedelijk stationsplein te realiseren met een lokale- en OV-identiteit, dat verwelkomend is bij aankomst, uitnodigend in de omgeving, gericht op het ontvangen van reizigers, overzichtelijk, veilig en inspirerend, en in een ‘stedelijke openbaarheid’.