Beelden van de Wederopbouw Jo Uiterwaal, station Roosendaal

Station Roosendaal, fotograaf: Jannes Linders

Het oude uit 1907 stammende van station Roosendaal – een ontwerp van architect George van Heukelom – raakte in 1944 beschadigd door een bombardement. Na de Tweede Wereldoorlog kreeg architect Sybold Van Ravesteyn de opdracht om de gehavende stationscomplexen in het zuiden van het land te herstellen. Roosendaal was als één van de eerste aan de beurt. In maart 1949 werd het gerenoveerde grensstation opgeleverd, en acht beelden van Jo Uiterwaal maakten onderdeel uit van dit vernieuwde station.

Qua bouwstijl sloot Van Ravensteijn aan op het oude station van Van Heukelom. Van Ravesteyn drukte zijn eigen stempel op het stationscomplex door nieuwe elementen toe te voegen. In Roosendaal zijn dat zijn pleinontwerp inclusief herdenkingspyloon, het ketelhuis en de muur met poort die naar los- en laadterrein leidde. Van oud en nieuw maakte hij één ensemble.

De kunstenaar Jo Uiterwaal maakte op aanwijzing van Van Ravesteyn maar liefst acht beelden voor het stationsensemble. Ze werden aangebracht op de gevel van de nieuwe entree, boven de poort naar het los- en laadterrein, rondom het ketelhuis en op de pyloon. De beeldhouwwerken van geglazuurde chamotteklei accentueren bouwvolumes, de entree en de gevels. De beelden symboliseren het optimisme van de wederopbouwperiode. Het land zou herrijzen. Hard werken en het herstel van de spoorwegen zou welvaart brengen.

Het bombardement had vooral de stationshal was getroffen. De hoge gevel van de hoofdentree stond nog overeind. Toch besloot men bij de wederopbouw om ook dit gedeelte van de voorgevel te vervangen. Van Ravesteyn vernieuwde de entree, de kantoren en de dienstwoningen. Qua bouwstijl sloot hij aan op het oude station van Van Heukelom. Wel voerde hij veranderingen door. Zo was in het oude stationsgebouw de entree de hoogste gevel van het complex. Na de renovatie door Van Ravesteyn werd het de laagste gevel. Om de entreepartij te markeren, ontwierp hij een brede bordestrap en liet hij drie grote beelden op de gevel aanbrengen. Ze verbeelden de Spoorwegmaatschappij en de kernwaarden van het spoor: Snelheid en Veiligheid.

Op het plein liet Van Ravesteyn een herdenkingspyloon plaatsen met bovenop een beeld van een halfliggende vrouwenfiguur met een toorts in haar rechterhand. Zij personifieert Vrede.

De poort naar de huidige fietsenstalling bij station Roosendaal leidde vroeger naar het laad- en losterrein van het station. Om dit terrein van het plein af te schermen, ontwierp Van Ravesteyn een muur. Op de muur staat een beeldengroep met personificaties van de waarden van de naoorlogse periode: Inspiratie, Offer en Wederopbouw.

Op de hoek van het stationsplein werd een ketelhuis gerealiseerd. Ondanks de bescheiden functie is het gebouwtje aan drie zijden voorzien van meer dan levensgrote beelden. De drie vrouwfiguren, gekleed in klassieke gewaden, personifiëren ‘Welvaart’, ‘Onderneming en Kracht’ en ‘de Spoorwegmaatschappij’. Ook is voor het ketelhuis een klein parkje aangelegd. Dit zorgt voor extra statuur.

Uiterwaal modelleerde de beelden in zijn atelier in Utrecht. Daar sneed hij ze in stukken en holde ze uit. De beelden werden in een crèmekleur geglazuurd. Alle losse delen werden vervolgens gebakken bij de firma Goedewaagen’s Koninklijke Hollandse Aardewerkfabriek in Gouda. Daarna werden ze weer aan elkaar gehecht. De naden tussen de delen zijn nog duidelijk te zien. De beelden rusten op geprofileerde natuurstenen consoles die in de gevels zijn aangebracht.

Bronnen:

Dolf Broekhuizen, Cultuurhistorische waardestelling station Roosendaal, 2014.
Crimson Architectural Historians, Urban Fabric, De collectie bijzondere stationsgebouwen in Nederland, 2009, p. 119.
W. van Leeuwen en H. Romers, Een spoor van verbeelding. 150 jaar monumentale kunst en decoratie aan Nederlandse stationsgebouwen, 1988, pp. 121-123.