DierenriemStation Roosendaal

Net als de andere grensstations, van Nijmegen, Venlo en Maastricht, beschikt ook Roosendaal over een langgerekt stationsgebouw met voormalige douanekantoren en visitatieruimten. In de verbindingsgang tussen de stationshal en de voormalige visitatiehal, bevinden zich raampartijen waarboven sectieltegeltableaus zijn aangebracht. Ieder tableau bestaat uit drie delen. In het midden staat een zon. Links en rechts zijn steeds twee tekens van de dierenriem afgebeeld op een sterrenhemel.

Momenteel zijn nog acht van de twaalf dierenriemtekens zichtbaar. De overige vier tekens zijn mogelijk aan het oog onttrokken door wandbekleding die later is aangebracht. Van links naar rechts zien we de sterrenbeelden leeuw, maagd, weegschaal, schorpioen, boogschutter, steenbok, waterman en vissen. Achter de betimmering bevinden zich dus mogelijk de overige tekens: ram, steen, tweeling, kreeft. Wie de sectieltegeltableaus in Roosendaal heeft ontworpen, is onbekend.
Ook het uit 1916 stammende stationsgebouw van Maastricht, net als dat van Roosendaal ontworpen door George van Heukelom, bevat de twaalf tekens van de dierenriem. In Maastricht groepeerde Van Heukelom de tekens op de wijzerplaten van drie stationsklokken in het interieur van het stationsgebouw.  

Zoals de meeste kunst die Van Heukelom liet aanbrengen op het gebouw, zijn de tableaus vlak in de gevel verwerkt. Het sectieltegeltableau is een vorm van tegelmozaïek waarbij de contouren van de tegels de vorm van de afbeelding volgen. De voegen zijn de omlijning van die vormen. De techniek is rond 1900 ontwikkeld en heeft een vergelijkbaar effect als glas-in-lood. Het sectieltegeltableau was een specialiteit van de firma De Porceleyne Fles in Delft. Die firma maakte in opdracht van Van Heukelom ook de wijzerplaten van de stationsklokken in Maastricht.

Bronnen

Crimson Architectural Historians, Urban Fabric, De collectie bijzondere stationsgebouwen in Nederland, Rotterdam, 2009, p. 119.
W. van Leeuwen en H. Romers, Een spoor van verbeelding. 150 jaar monumentale kunst en decoratie aan Nederlandse stationsgebouwen, 1988, pp. 121-123.