Decoratie van de wachtkamersStation Haarlem

Op het grote eilandperron van station Haarlem is een aantal reizigersvoorzieningen geplaatst: wachtkamers van verschillende klassen en een stationsrestauratie. Onder de grote overkapping staat ook een seinhuis. De perrongebouwen en hun interieurs zijn grotendeels authentiek en rijk gedecoreerd met schilder- en houtsnijwerk van Jacob Pieter van den Bosch.

Sjabloonschilderingen
Het interieur van de stationsrestauratie bevat ornamentele sjabloonschilderingen. De schilderingen dateren uit de bouwperiode van het station: 1908. Ze vertonen duidelijke Art Nouveau-invloed. Gestileerde plant- en diermotieven overheersen. Onder de korbelen zijn tulpachtige bloemen en kelken geschilderd in gedekte tinten. De patronen herhalen zich in een lange reeks. Ze volgen de vormen en het ritme van de wandopbouw: de toog, de ramen en begrenzing van de wanden.

Ook bovenaan de wanden van de stationsrestauratie zijn sjabloonschilderingen aangebracht. Ze vormen een sierband van herhalende patronen en volgen het ritme van de houten kap. De plaats van de spanten heeft de afmeting, en de plaats van de sjablonen bepaald. We zien een trekvogel in vlucht. Vleugels en verenkleed zijn gedetailleerd weergegeven in zwart en wit. De omlijsting is lobvormig en heeft de tinten zeegroen, blauw en oranjerood. De trekvogel symboliseert de reislust en de bereikbaarheid van de wereld via het spoor. We zien de trekvogel later terugkeren in de decoratie van de stations van Amsterdam Muiderpoort (1939), Maastricht (1949) en Eindhoven (1956).

Schilderingen

In de oude stationsrestauratie zijn op houten korbelen, acht stadswapens geschilderd. Met de klok mee, vanaf de toog gezien, zien we de (oude) gemeentewapens van ’s-Gravenhage, Haarlemmermeer, Haarlem, Rotterdam, Amsterdam, Heemstede, Bloemendaal en Leiden. Boven de wapens zijn steeds de namen van de betreffende gemeenten geschilderd. Deze acht gemeenten waren met elkaar verbonden door de Oude Lijn van de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij (HIJSM). Ze herinneren aan de pioniersrol die de HIJSM speelde in de Nederlandse spoorweggeschiedenis.

Houtsnijwerk

Ook in de voormalige wachtkamer eerste klasse zijn de korbelen gedecoreerd. Hier zijn de korbelen voorzien van houtsnijwerk. Enkele hebben abstracte decoraties, andere bevatten dierfiguren. We zien onder andere een pelikaan, een vos, een ooievaar en een leeuw. De vorm van de dieren volgt grotendeels die van de korbelen. De dieren staan op de stijlen. Op de schouders van de dieren rusten de spanten van de kap. Het houtsnijwerk dateert uit de bouwperiode van het station: 1908. Ook op de sponningen en lambriseringen van de wachtruimte is decoratief houtsnijwerk aangebracht. Het zijn florale motieven en bijen. 

Jacob Pieter van den Bosch

Jacob Pieter van den Bosch (1868-1948) volgde de Teekenschool voor Kunstambachten, de Quellinusschool en de Rijksschool voor Kunstnijverheid in Amsterdam. Hij werd landelijk bekend als onderdirecteur van het atelier 't Binnenhuis te Amsterdam: een coöperatieve woninginrichtingsfirma die hij samen met de architect H.P. Berlage oprichtte. Verschillende medewerkers van het atelier zijn zeer bekend geworden waaronder Joseph Mendes da Costa en K.P.C. de Bazel. Ten tijde van de oplevering van station Haarlem was Van den Bosch al een gerenommeerd ontwerper. Zijn atelier was in de vroege twintigste eeuw toonaangevend op het vlak van het interieurontwerp. 

Bronnen

H. Romers, De spoorwegarchitectuur in Nederland 1841-1938, Zutphen 1981.
W. van Leeuwen en H. Romers, Een spoor van verbeelding. 150 jaar monumentale kunst en decoratie aan Nederlandse stationsgebouwen, 1988, p. 110.
www.vvnk.nl, geraadpleegd op 27 februari 2018.
Crimson, Cultuurhistorische waardestelling station Haarlem, 2012.