De vier levensfases van de mensStation Amsterdam Centraal

Het trappenhuis van het koninklijk paviljoen bevat twee beschilderde friezen. Eén toont de vier levensfases van de mens, het andere verbeeldt in vier drieluiken de seizoenen van het jaar. 

Op de zijwanden van het bordes zijn in twee wandschilderingen de vier levensfases van de mens verbeeld: jeugd, adolescentie, volwassenheid en ouderdom. 
Jeugd bevindt zich aan de oostwand. Te midden van florale decoratie zijn drie figuren afgebeeld. Links staat een kind dat door een vrouw wordt begeleid bij de eerste, nog wankele stapjes. De vrouw houdt het kind bij de hand en klemt de luier vast zodat het kind kan leren lopen. Een speels hondje met een bal tussen de voorpoten, kijkt aandachtig op. 
Rechts van Jeugd bevindt zich Adolescentie. De schilderingen worden van elkaar gescheiden door een vaas met lentebloemen. Adolescentie toont zich als een student in zijn werkkamer. In zijn ene hand houdt hij een boekje. Met de andere hand slaat hij een pagina open van een groot boek dat op een tafeltje ligt. Er staat een globe op de vloer. Op het tafeltje staat een ganzenveer gestoken in een inktpot. 

Aan de westwand vinden we Volwassenheid, uitgebeeld als een man van middelbare leeftijd. Op zijn schoot ligt een tekentafel. Hij is met een tekendriehoek en een passer in de weer. Naast hem liggen schetsen. De combinatie passer en driehoek staan symbool voor het beroep van architect. De man vertoont uiterlijke overeenkomsten met Pierre Cuypers: de architect van het station. 
Rechts van Volwassenheid treffen we Ouderdom. De beide schilderingen worden van elkaar gescheiden door een vaas met herfstbloemen. We zien een oude man die gelijkenis vertoont met Cuypers op latere leeftijd. De oude man zit in een fauteuil op wieltjes. Hij houdt een wandelstok vast. Zijn voeten zijn in sloffen gestoken en rusten op een kussen. Het boek op zijn schoot valt bijna dicht. Op de achtergrond staat een zandloper.

De Oostenrijkse schilder Georg Sturm (1855-1923) ontwierp de wandschilderingen op aanwijzing van Cuypers. Hij maakte de kartons die als voorbeeld dienden voor de daadwerkelijke realisatie. De schilderingen werden aangebracht door Jan Visser jr. (1856-1938) en decoratieschilders van het atelier van Gerrit Hendrik Heinen (1851-1930). 

 

Bronnen

www.rkd.nl.
W.R.F. van Leeuwen en H. Romers, Een spoor van verbeelding. 150 jaar monumentale kunst en decoratie aan Nederlandse stationsgebouwen, 1988, pp. 18-27, 80-90.
T. Honing (samenst.) en R. Nolet (red.), Koninklijke wachtkamers. Een reis door de tijd. Royal waiting rooms. A journey through time, 2013, pp. 18-25.
H. Romers, Spoorwegarchitectuur in Nederland 1841-1938, 1981, pp. 101-110.
www.koninklijkewachtkamers.ns.nl. 
www.at5.nl.
De Sluitsteen, Jaarboek, 14 (1998) pp. 52-60.
‘Het Centraal Station’, Algemeen Handelsblad. Nieuwe Amsterdamsche Courant, 12 oktober 1889.
A. Oxenaar, Centraal Station. Het paleis voor de reiziger, 1989.
TAK architecten, Cultuurhistorische waardestelling station Amsterdam Centraal, 2015.