De L'sStation Hardenberg

In de wachtruimte van station Hardenberg staat een opmerkelijke zwarte bank, ontworpen door Nan Hoover. De bank beslaat de totale lengte van de wand. De rug- en zitvlakken zijn afgerond. Onder het zitvlak is een strook melkwit glas aangebracht waarachter neonverlichting zit. Halverwege de bank gaat de horizontale vorm naadloos over in een verticale. Hierdoor wordt de bank in twee gelijke delen verdeeld. Beide delen – en de strook verlichting – vormen een L. Vandaar ook de titel van het kunstwerk: De L’s.  Zittend op de bank maakt de reiziger deel uit van de installatie. Het is een plek om stil te staan bij de positie die je inneemt in de ruimte of breder: de positie in de wereld. De bank verenigt wachtende reizigers met elkaar. Ondertussen zorgt het verticale deel van diezelfde bank ook voor afstand. Hoover beoogde met dit werk de wachtende reiziger ‘te bewegen’. 

Het kunstwerk maakt onderdeel van het omvangrijke kunstprogramma Kunstlijn.

Nan Hoover (1931-2008) was bekend van haar performances en videokunst. Daarnaast maakte ze ook schilderijen en sculpturen. Ze werd opgeleid aan de Cocoran Gallery School of Art in Washington D.C. Thema’s als licht en beweging keren veelvuldig terug in haar kunst. Bij voorkeur maakt ze het publiek onderdeel van haar werk. De vragen die Hoover aan het publiek stelt, zijn vaak filosofisch van aard. In de jaren ’70 woonde en werkte ze in Nederland. Ze vertrok naar Duitsland om te gaan doceren aan de kunstacademie van Düsseldorf. Haar werk was diverse malen te zien als inzending op de Documenta in Kassel en de Biënnale in Venetië. Werk van Hoover zit onder andere in de collecties van het MOMA in New York en het Stedelijk Museum in Amsterdam. 

Kunstlijn, kunstwegen

In 1989 startte NS, die dat jaar het 150-jarig bestaan van het Nederlandse spoor vierde, een samenwerkingsverband met de Stichting Beeldenroute Overijssel en de Tentoonstellingsdienst Overijssel. Er werd een kunstroute ingericht met kunstwerken op en rond stations langs de spoorlijn Zwolle-Emmen. Aanvankelijk kreeg het initiatief de naam Kunstlijn. Het project werd aangekondigd als ‘het meest langgerekte openlucht-kunstmuseum’. De kunst die in en rond de elf stations tussen Zwolle en Emmen werd gerealiseerd diende onder meer het kunsttoerisme per trein te bevorderen. 

Rondom de stations Zwolle, Dalfsen, Ommen, Mariënberg en Gramsbergen zijn ook kunstwerken te vinden van David Kessler, Jan van Munster, Bas Maters, Gerard Merz, Alwie Oude Aarninkhof, Joseph Kosuth, Rien Monshouwer, Lawrence Weiner, Tine van de Weyer en Braco Dimitrijević.

In 2000 werd Kunstlijn voortgezet in het project Kunstwegen. Kunstwegen strekt zich uit van Zwolle tot Nordhorn, Duitsland. Stichting Kunstwegen sloot een Europees samenwerkingsverband met Duitse overheden en culturele instellingen. Inmiddels maken aan Nederlandse zijde ruim 75 kunstwerken onderdeel uit van de 132 kilometer lange route. Nog altijd wordt de route uitgebreid met nieuwe aanwinsten en initiatieven. In Gramsbergen is een informatiecentrum gevestigd. 

Bronnen

www.dhaps.org, geraadpleegd op 8 maart 2018.
H. Meutgeert, ‘Beelden vanuit de trein’, Leidsch Dagblad, 22 juni 1989.
De Volkskrant, 21 juni 1989.
www.kunstwegen.nl, geraadpleegd op 24 april 2018.
D. Pieters, ‘Kunsttoerist dwalend langs het spoor. Manifestatie: Kunstlijn Zwolle-Emmen‘, NRC, 5 juli 1991.