Overslaan en naar de inhoud gaan

Kaders Retailbeeld

De ambitie om in het station rust, helderheid en transparantie te bieden aan de reizigers, vertaalt zich in de volgende aandachtspunten:

Ruimtelijke context en structuur van het station

De en de dienen als zondanig herkenbaar te blijven. De brancheringsprincipes uit het versterken de functie en uitstraling van de . Daarnaast doet het uitspraken over de ideale locatie van een aantal commerciële voorzieningen; over de volgorde waarop aankomende en vertrekkende reizigers de voorzieningen tegenkomen; en over de positie in, aan of buiten de .

Vorm en functie

Retail heeft een belangrijke plek op stations. Het draagt bij aan het gemak en comfort van de reiziger en helpt om de (gevoelsmatige) wachttijd te verkorten. De transferfunctie dient echter altijd gewaarborgd te worden. Daarom wordt bij de principes voor de commerciële gevelzone ook rijvorming, etalage-uitstraling, uitstallingen en terrassen in beschouwing genomen. Daarnaast is één van de voorwaarden voor het ontwerp van het casco van de winkels dat formulewijzigingen zonder problemen kunnen worden doorgevoerd. Dit vraagt om een zekere neutraliteit en inpassing in de architectuur van het stationsgebouw. Om het winkeliers gemakkelijk te maken zich binnen de vastgestelde grenzen te manifesteren, gaat het Spoorbeeld uit van een architectonisch framework dat samenhang waarborgt.

Afmeting en schaal van inrichtingselementen

Of de complete verschijningsvorm van de winkel past in de architectonische omgeving hangt niet alleen af van absolute afmetingen, maar vooral van de schaal en de relatieve afmetingen. Daarbij geldt dat:

Contouren van inrichtingselementen dienen herkenbaar en zichtbaar te zijn en mogen niet geheel of gedeeltelijk worden afgedekt.

Waar bijvoorbeeld reisinformatie hangt die voor de primaire loopstroom is bedoeld, mag de retailinformatie in de zichtlijn niet groter van verschijningsvorm zijn. Het visuele effect wordt met name bepaald door de mate van discriminatie ten opzichte van de achtergrond van de omgeving.

De transferruimte moet ruim en overzichtelijk blijven, met duidelijke zichtlijnen. Dus gevels van retail aan de transferruimte moeten onderdeel zijn van het schaalniveau van deze ruimte.

Gevelelementen

Uitgangspunt is dat de uitstraling en aantrekkingskracht van de retail de kwaliteit van het station ondersteunen en dat de retail past bij het karakter van de stationsinrichting. Dit kan worden gerealiseerd met een prettig ogende, uitnodigende en overzichtelijke inrichting die visueel rustig is. De vormgeving van het casco bepaalt in hoge mate de samenhang. Zaken als entree, gevel, , reclame, verlichting, inrichtingselementen en logistieke activiteiten spelen daarbij een belangrijke rol. Vooral de puien zijn beeldbepalend. Retail kan zich vooral profileren door de zichtbaarheid van het interieur. In alle gevallen dient de pui dus zo transparant mogelijk te zijn. De winkel heeft heldere toegangen. van de retailer vindt plaats in het casco-ontwerp op gereserveerde plekken. Technische installaties en voorzieningen zijn uit het zicht weggewerkt. In de stationsomgeving wordt een sociaal veilige situatie nagestreefd. Vanwege de sociale veiligheid zijn winkels bij voorkeur open zolang het station open is. Lukt dat niet, dan dient het verlichtingsniveau in de winkel op peil te blijven tot het station dichtgaat.

Voor een aantal units formuleert het Retailbeeld en richtlijnen, bijvoorbeeld bij de herbestemming van bestaande ruimten in stationsgebouwen, units in tijdelijke situaties, commerciële units op perrons, de inpassing van units binnen de Collectiestations. Daarnaast heeft de NS voor de formule Wereldstations aparte inrichtingsprincipes beschreven in de NS Visie op Stations, Masterplan Wereldstations, Interieurprincipes, NS 2006.

Even geduld aub, u wordt doorgestuurd naar de beeldenbank